Jelis Roodbeen is Nieuw-Guinea veteraan. Hij was erbij toen in 1962 Nederland haar toenmalige gebiedsdeel wilde beschermen tegen de invasie van Indonesiërs.
Op de vraag wat veteraan zijn voor Jelis betekend is hij kort en spreekt krachtig:"Heel, heel veel."
Sinds enkele jaren is het veteraan-zijn een bijna dagelijkse bezigheid. Ik zet me zeer actief in voor veteranenzaken. Vooral "sinds mijn DIG* uitreiking is dat toegenomen. Ik ben ondermeer voorzitter van de plaatselijke Stichting voor veteranen, geef voorlichting op scholen en ben betrokken bij de lokale veteranendag in Veenendaal. Dat zijn voor mij nu heel belangrijke zaken.
Eigenlijk voel ik me pas na mijn vijftigste veteraan. Dat heeft niets met leeftijd te maken maar tot die tijd was ik meer oud-marinier. Na mijn vijftigste kwam ik meer aan mezelf toe en werd de missie of het krijgsmachtsonderdeel veel minder van belang."
Veteranen zijn bijzondere mensen volgens Jelis. "Wij weten wat echte vriendschap is. Soms moet ik daar aan denken als een kind thuiskomt en roept 'Pap, ik heb een nieuw vriendje'. Ik denk dan aan mijn kameraden die zich soms met gevaar voor eigen leven voor mij of anderen hebben ingezet. Dat zijn pas vrienden!"
* Draag Insigne Gewonden

Veteraan
Vanuit onze nazorgprogramma's beschouwd is wat Jelis zegt heel herkenbaar; de identificatie met het veteraan zijn. Begrijpelijk ook gezien de impact die de periode van uitzending destijds op zijn leven heeft gehad. En nog steeds heeft.
Dat laatste komt goed tot uiting in zijn vergelijking van de definitie 'vriendschap'; zoals Jelis dat zelf omschrijft en hoe een kind dat ervaart. Een wereld van verschil. Uit ervaring met Jelis weet ik echter ook dat hij nuchter genoeg is om zijn definitie te kunnen relativeren en begrip heeft voor de beleving van het kind.

